Mijn gebeurtenissen van 1980  tot 1998...

Beste lezer!

Wat leuk dat je een kijkje neemt om 1 van mij websites.

Wees van harte welkom!
Het leven is te prachtig.
Er zijn veel herinneringen.
Van hele mooie gebeurtenissen, of belangrijke mijlpalen, maar ook de moeilijke periodes komen voorbij.
Ik begin gewoon bij het begin van 1980 t/m 1998.
Ik vertel eerst over hoe mijn leven voor 1998 eruit zag.
Van de geboorte tot kleuter. En ja… 
Ik ben ook een puber geweest. 
En ook ik heb dingen gedaan, die niet zo netjes waren.
Maar ach… (  Van fouten leer je… )
Toch?

In het bijzondere jaar 1998 ontmoette ik mijn grote liefde…
Maar zover is het is het nog we beginnen bij het begin!


Belangrijk om te weten.
Mijn Pa heeft nog een zoon uit zijn vorige huwelijk, mijn grote bonus broer Edwin Lenting is geboren op 25 november 1971 te Voorburg. Mijn Vaders eerste huwelijk hield geen stand. 
💔 Edwin is op gegroeid bij zijn Moeder dit omdat hij zijn eigen zoon niet mocht zien van zijn ex vrouw toentertijd. Gelukkig vond mijn Paps zijn tweede geluk bij mijn Moeder Jansje Voituron in het jaar 1972. Mijn ouders zijn verloofd op 17 april 1976. En trouwde op 12 april 1977. Samen kregen ze hun eerste zoon Gerard Lenting hij is op 28 april 1975 geboren te Den-Haag. Al snel volgde de volgende zwangerschap. Patricia Lenting zag het levenslicht op 8 september 1977 te Delft. Later was mijn Moeder weer zwanger, dit van haar derde kindje. Mijn ouders woonde aan de Minister Talmalaan 18 te Rijswijk. Om tien voor twaalf in de laten avond, ben ik dan geboren.



Ik heb de naam Jansje Lenting gekregen. Ik heb er in de jaren negentig ( Jans ) van gemaakt, dit vind ik zelf een stuk beter dan Jansje. Maar goed, kleine Jansje voor nu is thuis geboren. En ik maakte het goed. In buik van mij Moeder was het een stuk warmer want de temperatuur op 10 maart 1980 lag tussen de 4, en de 8 graden. Er was een klein beetje neerslag gedurende deze dag, verder was het vrijwel geheel bewolkt. ( Zo hoorde ik dat later. )

De doop van kleine Jansje.
Op 17 mei 1980 te Rijswijk (Zuid-Holland) ben ik gedoopt, door peetoom Gerard Voituron en peettante Marijke de Haas. Gerard werd geboren op 11 maart 1950 en is † overleden op 13 oktober 2010 in Voorburg. Mijn peettante Marijke is geboren op 2 juni 1951. Mijn peettante woont nu in Engeland en is getrouwd en heeft twee grote kinderen inmiddels. Marijke en ík hebben niet zoveel contact meer.

De verhuizing in 1981.
Al heel snel gingen we verhuizen van Rijswijk naar Delft dit was op 20-06-1981. Mijn ouders kochten een huis aan de Helder Camarastraat 1 te Delft. Hier hebben we dan een paar jaar gewoond, maar in maart 1984 hebben mijn ouders het huis moeten verkopen. Ze stonden ingeschreven bij de woningbouw en al snel kregen ze een huis in Delft aangeboden. De Cesar Franckstraat 27 te Delft. Hier heb ik dan een aantal kinderjaren doorgebracht en vele vriendjes en vriendinnen gehad. De gehele dag speelde we dan buiten, en als lantaarns aangingen dan was het tijd om naar binnen te komen. Als we dan bijvoorbeeld lekker aan het spelen waren op het veld. Kon mijn Moeder ook nog wel eens een fluit geven en dan wisten wij van: “Tijd om naar huis te komen.”

Mijn herinneringen samen met mijn Paps!



Als lief klein meisje was ik gek op mijn Papa. Wat zeg ik dat toch lief… “Papa.” Ik zat altijd lekker aan mijn Vader te hangen. Als mijn Vader maar even op wilde staan, dan zat ik wel weer op zijn schoot. “Blijf maar lekker zitten Paps.” Ik was echt een knuffelaar en oortjes friemelen kon ik als de beste. Heerlijk die koude oortjes. Maar ook mooie liedjes verzinnen. En als we ze dan helemaal uit ons hoofd konden, dan was het….

'Jansje en Papa die gingen naar de bakker, alle Bij een koekje dat lusten ze wel…' 'Jansje zei, HAP, HAP, en het koekje was verdwenen, 'en Papa zei beleefd, 'ik dank u wel.'

Er is een oude opname van ben je nieuwsgierig?

Druk dan Play.



Te prachtig!

 Het zingen ging ons altijd goed af. En als het liedje nou klaar was. Dan begonnen mijn Papa en Ik gewoon weer overnieuw. Maar dan deden we, zeg maar… De namen andersom. Dus... "Papa en Jansje!"

Een hele goedemorgen.
Elke schooldag stond mijn Vader rond de klok van half acht op. Patricia en ik waren dan al op en zaten voor de TV. Om half acht keken we dan even het RTL 4 Journaal met Jan de Hoop.
En daarna ging de TV weer over op Kindernet. Er waren ook zoveel mooie kinderprogramma's. Zoals…
“David de Kabouter.. Ik spaarde er alles van vroeger. Maar ook Alfred Jodokus Kwak, mogen we niet vergeten of Seabert het schattige zeehondje.
Te prachtig allemaal.

Tijd voor boodschappen.
Elke vrijdag deden we dan boodschappen bij de Jac. Hermans. Dit deden we dan met de gehele familie. We haalden dan de boodschappen voor de komende week. Dit deden we altijd met veel lol. Mijn Vader maakte altijd wel iets open, bijvoorbeeld een zak met die koetjes reepjes, of een zak met snoepjes. Het was altijd feest om het zo maar te zeggen. En laten we vooral de kaasboer, en de slager niet vergeten, en dan was het: “Meneer mag ik een plakje kaas of een stukje worst?” Maar ook de proeven-rijtjes in de winkels. Als er weer eens wat nieuws was. Kon je dat gratis proeven. En soms smaakte het zo lekker, dus liep je nog een keertje terug.

Computertijd.
Onze eerste Computer thuis was een De Commodore 16. Hier speelde we bijvoorbeeld “Pacman”& “Bomb-Jack.” De tweede Computer was Commodore 64, deze computer was zeker weer wat beter dan de eerste. Hier kon je ook wat grotere spelletjes spelen. Zoals: “Snake, of Red-cat” Wat een geweldig en leuk spel was dat. Ik kreeg die spel toendertijd gratis van de Rabobank. Maar ook “Tristan. ” Het pin-bal spel. Want die mogen we zeker niet vergeten. Mijn Moeder zat nooit achter de computer. Maar als ze even Tristan, kon spelen, nou dan was ze niet van die Computer af te slaan. Ze zat altijd maar te hakken en te beuken op die twee SHIFT toetsen. Vergeten néé, dat nooit meer. Maar toen… Ik was lief aan het spelen, maar ik drukte blijkbaar op een verkeerde knop. Zo hard ik kon, riep ik om hulp… “Papa kom eens snel…” Wat is er schat!  Ik zeg… De Computer doet raar. Ik weet nog steeds niet, wat ik toen gedaan had, maar alles wat er op stond was dus in 1 klap weg. Dus ook mijn Red-Cat spel. Ik weet nog goed, ik was best verdrietig. “Moet ik weer op nieuw beginnen? Hoe heeft dit nou toch kunnen gebeuren?” De computer was helemaal leeg. Mijn Vader heeft de Computer helemaal op nieuw geïnstalleerd. Dit was een hoop werk voor hem, en het deed ook allemaal zo lang.? Ik dacht nog: “Kan dit niet wat sneller.” Maar mijn Vader had later goed nieuws. Hij zegt: “Jansje, de computer doet het weer als een zonnetje.” Oh, wat waren wij blij. Nee… Niet alleen ik. Ook mijn Moedertje was blij dat haar spel weer geïnstalleerd was. Maar mijn Moedertje moest nog maar even geduld hebben. Want… “Wie het eerst komt, wie het eerst maalt.”
😜


Mijn moeder en ík.



Van hele leuke dingen, tot wat paniek in de tent in de vroege ochtend. Wij woonde op de César Franckstraat 27 te Delft. Mijn Moeder maakte ons wakker. Mijn zus sprong uit haar bed, en liep naar de woonkamer. Ik wilde ook wel uit bed, alleen dat ging niet. Iedereen zat al aan de gedekte eettafel behalve ik. Die arme lieve kleine Jansje toch! Ik dacht van dit is niet goed, ik kan er niet uit. “ Mama, kom eens…,” Ik hoorde mijn Moedertje aankomen, ze stond in mijn slaapkamer, ze had zoiets van HUP..., kom er gewoon eens uit kleine lekkere luilak. Ik zeg: “Mama, ik wil wel, maar mijn benen willen niet.” Ook hoorde ik mijn Vader aankomen, want blijkbaar voelde hij ook. Dat er wat mis was? Ze zagen dat dit geen grapje was van mij. En namen dit zeer serieus. Mijn Vader haalde me uit bed, en hij zette mij op de grond in de woonkamer. En daar begon ik te schuiven op mijn kontje. Mijn Moeder probeerde van alles maar dat pakte niet goed. Grote paniek in de ogen van mijn Papa en Mama, ik weet het nog zo goed, hoe klein ik was. Mijn Moeder belde meteen de huisarts en vertelde het verhaal… “Kom maar gelijk even langs,  zo vertelde de dokter. “Oké, prima, we komen eraan. Daar gingen we dan, HUP…, naar de dokter. Mijn Vader heeft toen mijn zus Patricia naar school gebracht. Aangekomen bij de dokter, tilde mijn Moeder mij naar binnen. Met wat onderzoeken wist de dokter ook niet zo goed, wat er nou toch loos was? De dokter gaf mijn Moeder de opdracht om maar wat te gaan gymnastieken. Bij thuiskomst gingen we dus gelijk aan de slag. Mijn Moeder dacht van: HUP..., lopen JIJ…   Bij de deurpost bij de keuken zijn we aan de gang gegaan. Mijn Moeder maakte er een soort spelletje van. Stapje naar links, en de volgende stap weer naar rechts. Beentje omhoog, en beentje weer omlaag. Ik was immers nog maar een jaar of vijf, maar ik weet het nog precies. En HUP..., daar lag ik weer, inderdaad op mijn kontje. Opgeven was geen optie. Mijn ouders begrepen er echt helemaal niks van. We bleven oefenen, tot het einde van de dag. Er zat eindelijk een verbetering in. Er kwam weer gevoel in mijn benen. We bleven goed oefenen, en in de avond deden mijn benen het weer en had ik mijn kracht terug. En kon ik zelf weer los staan. Grote opluchting voor mij maar ook voor mijn ouders. Een applausje, was dan zeker verdiend. Want ik had geen betere gym juf die dag kunnen wensen.”

Kappertje spelen.

Omdat mijn Moedertje zo goed haar best had gedaan, deed ik natuurlijk ook eens wat terug voor haar. Mijn Moeders haar kon wel een grote was beurt gebruiken. 😜 Heerlijk spelen met water en shampoo op de bank. En als het dan klaar was, dan zei ik altijd: “Oh Mama, wat zitten je haren toch mooi!”
Ik wilde altijd kapper worden vroeger, maar het is er allemaal niet van gekomen.

 

Woensdag middag.
Mijn Moeder haalde mij vaak van school en dit deed ze dan op de fiets. En als het nou woensdag was dan konden we nog wel eens door rijden naar de stad. Gezellig even shoppen en bij de hema een lekkere Chocolademelk met slagroom drinken. MMM Lekker, als ik eraan denk… Krijg ik trek…


Ochtendritueel.
Ik liet elke dag wel een lief ochtendbriefje achter.
Zie voorbeeld briefje uit het jaar 1990.

"Goedemorgen Mama.
Neem koffie, neem een peuk, neem een doekje en als laatste neem de wc. Lieve Mama, ik zal het leuk vinden als je mij komt ophalen van school, vind jij dat ook leuk?
Dag Mama, ik ben kwart over drie vrij, niet vergeten.
Tot vanmiddag, lieve Mama.
Dikke kus Jansje…"

Geweldig al die lieve briefjes die ik haar toen schreef. Ik heb ze nog allemaal. Het begon met een klein papiertje, maar later ging ik over op een A4tje. Dan had ik net wat meer ruimte.

Leuke dingen.
Vanuit de Cesar Franckstraat was het een kleine 15 minuten lopen naar winkelcentrum de Hoven. En dat deden we dan wel eens met de gehele familie. Patricia en ik werden allebei wat groter, dus deden we ook dingen met zijn tweeën. Dus gingen we zelf naar de Hoven. Dit gebeurde bijvoorbeeld als we weer eens trek kregen in een heerlijk soft-ijsje.
Die we dan gratis kregen bij de Sunny Burger, van een goede vriendin toentertijd van onze broer Gerard. En ja, het ijsje was het lekkerst met veel disco dip,  heerlijk!

Sinterklaas is ook weer in het land.
Sinterklaas tijd. Winkel Centrum de Hoven was niet weg te denken.
Zeker niet als de sint dan een bezoekje bracht. Daar waren mijn zus Patricia en ik er altijd bij. Want daar wilde we niks van missen. Er liepen we honderd zwarte Pieten en dan was het… “Zwarte Piet, mag ik wat pepernoten?” Tuurlijk lief kind, alsjeblieft! Maar oei, al heel snel zaten onze jaszakken vol. “Wat moeten we nu Patricia? We lopen gewoon even naar de Zeeman en vragen daar om een plastic tasje. Zo die tas was binnen, dus ik zeg… Vullen maar… Het vullen van de tas kan beginnen. Onze tas zat al snel tot aan de nopjes vol met snoepgoed en pepernoten.

Wij mogen van geluk spreken.
Over Zeeman gesproken: Zeeman bereikte in 1986 een grote mijlpaal.
De 250ste Zeemansvestiging werd gepresenteerd aan de pers. Mijn ouders hadden toen mee gedaan aan een prijsvraag. Dit was een slagzin, die moest je compleet maken op het zegelboekje. Mijn Vader maakte de slagzin af. Hij gaf er een klap op. Inderdaad op het zegelboekje. Als dit geen geluk brengt? Nu was het spannend, en natuurlijk afwachten op de uitslag. We werden uitgenodigd door de Zeeman. Of we langs wilden komen? Met enorme grote slagroompunten werden we ontvangen. We werden hartelijk ontvangen en gefeliciteerd. Deze aardige man vertelde ons… “Jullie zijn de winnaars en de eigenaar van deze mooie Toyota Corolla Liftback.” Wat een prachtige auto. Er werden ook nog wat foto’s gemaakt. Een dag later stonden we als winners in de Delfse post.

Karretjes dag!
Elke zaterdagochtend in mijn kindertijd ging ik wel naar de Konmar om wat centjes te verdienen. En dan was het:

“Mevrouw mag ik uw winkelwagentje terugbrengen naar de Konmar.”

Je had 15 zegels nodig, per kar kreeg je dan 1 zegel. Maar al snel was de kaart vol en dan had je vijf gulden verdiend, die je dan contant kreeg bij de kassa bij inlevering van dat zegelboekje. Wij waren nog best wel jong, maar we waren nooit te jong om wat centjes te verdienen. Want geld stinkt niet. Hoe meer, hoe leuker.” Deze karren actie was gewoon top, want de wagentjes werden altijd wel netjes terug gebracht naar de winkel. Einde van de middag was het dus tijd om wat snoepjes te scheppen in de Konmar. Je had heel veel verschillende soorten snoep, denk zeker wel veertig verschillende soorten, dus de keuze was reuze. En ja.. Er ging ook wel eens,  een of twee snoepjes zo mijn mondje in…  Heerlijk in plaats van in de zak. Later stond er altijd een soort agentje bij het snoep om het zeg maar te bewaken te bizar maar waar. Deze agent stond zelf ook altijd in die bakken te graaien. Hij had zelf ook altijd grote trek in een lekker snoepje.

Kleuterschool:
Mijn kleuterschool hete de Horizon school te Delft.
Ik heb twee jaar lang lekker gekleuterd.

Wat een leuke TV programma’s vroeger.
Mini playbackshow keek ik graag naar als kind. En zeker als het dan af gelopen was. Op het einde van de show had je een liedje… ( “Met z’n allen…” ) van Henny Huisman. Geweldig, en zeker als de gekleurde ballonnen naar beneden vielen. Dat vond ik als klein kind echt prachtig. Maar ook Bassie en Adriaan geweldige serie. En wat was het altijd spannend. We kregen er geen genoeg van, deze zijn mijn altijd bij gebleven.

(Het geheim van de schatkaart 1987.)  
(De verdwenen kroon 1988.)
(De verzonken stad 1989.)

Superleuk… Zeker B2 die doven “Van wat zeggie… Of vlugge Japie en de Baron met: "Drommels, drommels, en nog eens, drommels!" Ik heb er heerlijk van genoten. Ik kijk er zeker met plezier op terug. En het leuke is. Dat mijn kinderen het vroeger ook geweldig vonden. Het zelfde geldt met, “Pippi Langkous.” Wie kent haar niet?

 

Bezoekjes bij Meintje & Els.



Meintje en Els zijn twee zussen van mijn Vader. Als we op bezoek gingen bij Meintje en Els haalden zij altijd een heerlijk klein gebakje bij de bakker. Maar ook al die heerlijke verse kaasjes. Meintje zorgde altijd voor de koffie en wij hielpen Meintje dan met de melk. Want die moest nog even goed geklopt worden. Laat dat maar aan ons over dat kunnen wij wel. Wij klopten er lekker op los. Als de melk dan aan het koken was dan kwam de melk zeg maar omhoog in het pannetje. Dus HUP…, snel het pitje wat lager. En als alles dan weer gezakt was dan begonnen we weer overnieuw. Wat een berg schuim, wij waren gewoon altijd de beste. Meintje was altijd erg blij met onze hulp. Op een dag vroegen mijn zus en ik of we een keer mogen logeren. Dat is goed, dat doen we dan in de zomervakantie… Niet alleen de zomervakantie maar ook ons logeer partijtje stond voor de deur. Logeren bij twee bijzondere tantes. Dit alles speelde zich af in augustus 1989 te Den Haag. Grote vakantie stond voor de deur. Het was een groot feest, want we gaan logeren bij onze twee tantes. Alles stond ingepakt, dus het was tijd om te vertrekken richting de: Van Kinsbergenstraat 125 in Den Haag. Dit huis was het ouderlijke huis van Familie Lenting. We deden heel veel leuke dingen. Maar het begon met een heerlijk ontbijtje. De hagelslag bus was niet weg te denken. Na het ontbijt was het tijd voor leuke dingen. Zoals een dagje naar Madurodam, of de Efteling, of naar Scheveningen om daar lekker te gaan eten bij het pannenkoekenhuis. Of we gingen gezellig naar de Haagse binnenstad om lekker te gaan shoppen. Dit deden we dan altijd met de tram drie. Want deze halte was nog geen vijf minuten van hun huis vandaan. En deze tram stopte in de binnenstad, dus beter kon het niet. Ik weet nog goed, we liepen arm in arm richting tram halte. We stapte de tram in. Ik zeg: Rennen tegen mijn zus, achterin is er nog plek. Meintje en Els deden hun werk wat betreft het afstempelen van de buskaarten. Dit ging altijd goed, tot meneer de tramchauffeur die dag een ontzettende grote haast had. Normaal wacht een chauffeur wel even tot je zit. Maar deze dacht daar anders over. Ze hadden netjes afgestempeld en liepen rustig naar achteren. “Kom Tante Meintje & Tante Els, riepen wij dan door de tram.” De tramchauffeur had geen tijd te verliezen en reed keihard weg van deze halte. Hij reed zo hard, dat onze tante Meintje onderuit ging in de tram. Die andere tante wist zich nog net vast te houden. Mensen die in de tram zaten hebben Meintje naar een stoel gebracht en vroegen haar: “Hoe het ging?” Meintje vertelde dat het goed ging en bedankte de mensen vriendelijk. Wij vonden dit toch wel even lastig. Het was een moeilijk moment, want waar doen we nog goed aan. Moeten we de stad nog wel in, of moeten we toch weer naar huis? Wij hadden het toen zeker begrepen, als we naar huis hadden gegaan, want ze maakte een aardige klap. Meintje zei tegen ons: “Om ook maar niet meer te rennen, want jullie zien wat er kan gebeuren.” Daar had Meintje wel een puntje, maar of we er wat mee deden? Els vroeg in de tram aan Meintje: Gaat het echt wel goed met je? Ja Els, het gaat goed. We gaan gewoon lekker naar de stad. Deze middag hebben we heel wat kledingwinkels blij gemaakt. Ook hebben we nog een heerlijk ijsje gegeten bij Florencia die zit in de stad in Den Haag. Ik nam altijd een heerlijke bananen royaal. We gingen weer terug met tram richting huis. Nu maar hopen op een rustige chauffeur. Gelukkig ging het goed de terugweg. Bij thuiskomst legden we onze grote kledingtas op de grond in de woonkamer. Meintje ging er ook even bij zitten. En pakte de tas samen met ons uit. Ze had pijn, veel pijn, dit zag je aan alles. Meintje liep toch even naar haar kamer om een kijkje te nemen. Ze kwam terug en vertelde: “Dat ze een grote blauwe plek had.” Ik vroeg haar: “Of ik het ook mocht zien?” “Ja hoor.” Ze liet het zien. “Zo jeetje dit was niet normaal. Haar hele bil en boven been was donkerblauw.” Arme Meintje toch, wij vonden dit heel erg zielig en natuurlijk heel vervelend voor haar. Overigens was de logeren in de zomervakantie super leuk! Na de zomer vakantie was het al weer snel december. En vierde we Sinterklaas avond bij deze twee tantes maar ook de Kerst werd altijd gezellig gevierd. Ik kan niet anders zeggen dat de Zak altijd goed gevuld was. En was het niet de zak van Sinterklaas en Zwarte Piet, nou dan lag het wel onder de Kerstboom. We werden altijd mega verwend door deze twee.Helaas zijn deze twee tantes te vroeg overleden.Een tijdje geleden had ik een Reading. En deze was zeer bijzonder. Benieuwd naar dit verhaal. Ga dan naar kaarsje branden, en druk daar dan want ik had de foto's van Meintje en Els neergelegd. Hoe liep dit af? Druk op de foto en dan kom je er van zelf achter.

Basisschool.
Om nog even terug te komen op de basisschool. Na groep twee, ging ik over naar groep drie. In groep drie, zat een hele lieve juf. Ze heten Edith Kamphuis. Deze vrouw was er een uit duizenden. Ik kwam als klein meisje, daar al over de vloer. Vandaar deze speciale band, denk ik: Maar niet alleen ik, ook mijn klasgenoot van toendertijd kon het leuk met haar vinden. Die klasgenoot was toendertijd mijn beste vriendinnetje. Op een dag vroegen wij de Juf: “Juf, mogen wij een keer op woensdag middag met je mee naar jou huis. Wij willen dol graag een keer voor je koken. We waren toen een jaar of negen, denk ik. “Oh wat leuk dat jullie dat vragen, ik vind het goed.” Zo antwoorden de juf. Inmiddels had de juf contact met de ouders opgenomen en die gingen ook akkoord. De datum stond spannend! En dan eindelijk was het woensdag middag 12 uur. We liepen vanuit school naar haar huis van de juf. Dit was 15 minuten lopen. Ze woonde aan de Schoolstraat te Delft. Bij aankomst bij haar thuis, hebben we eerst even een broodje gegeten. Dit deden we met zijn drieën, aan de grote tafel. Na het eten was het tijd om te schilderen. Edith was gek op schilderen. Ze had ook mooie schilderijen hangen in haar huis. Later in de middag was het tijd voor de boodschappen. We maakte Macaroni. In de winkel mochten we pakken wat we maar wilde. Bij thuiskomst pakte we de boel uit, en kon het koken beginnen. Al snel stond er een heerlijke pan vol Macaroni klaar. Het was even afwachten, maar om half zes kwam Edith haar man thuis en konden we lekker eten. Weet nog goed, We kregen een groot glas cola erbij,  ze maakte er echt een feest van die Edith. In de avond werden we opgehaald door onze ouders en was het feest voorbij. We bedankte de juf vriendelijk. Ze was een belangrijk persoon, in mijn leven, in mijn kindertijd. Maar toch ook wel in mijn tienerjaren. Edith was zo gezegd, een goed luisterend oor voor mij. En gaf mijn natuurlijk goeie tips en zo nu en dan een knuffel van “Kom op Jans.” Deze liefde, of vriendschap, hoe je het ook wilt noemen, was echt heel mooi en bijzonder. Ik hield ook echt van haar, en zij ook van mij. Ze had zelf ook graag kinderen willen hebben, maar dit is niet uitgekomen. Ze was wel getrouwd met een leuke vent, waar ze heel gelukkig mee was. Ik was een jaar of zeventien en ik werkte in de Alstroemeria’s. Maar toen gebeurde er iets. Edith werd ziek, ze kreeg borstkanker. Er was nog even een hoop, dat ze beter zou worden, dus daar ging ik dan maar vanuit. Inmiddels was het al weer woensdagochtend. De wekker ging weer vroeg om naar het werk te gaan. Om half tien, had ik even pauze op mijn werk, en ik pakte de Delfse Post, om er even gezellig doorheen te bladeren. Ik zit zo te bladeren, en ik zie een rouwadvertentie staan, ( inderdaad van deze Edith. ) Met een slik, en een traan die ik inhield, las ik het stukje door. Edith Kamphuis is overleden op 27 augustus 1997. Bij thuiskomst lag er ook een kaart op de deurmat. Ik was erg verdrietig. Een week daarvoor zaten we nog bij elkaar, en ook maakte we nog wat foto's.



Oh wat was ze lief. Heel bizar allemaal. Zo zie je maar weer, dat je deze momenten en zeker het leven moet koesteren. Na het lezen van de kaart, belde ik gelijk mijn oude klasgenoot op, ( waar ik ook samen mee had gekookt toen. Ik vroeg haar: “Heb je het bericht al gehoord of gezien? “Ja” vertelde ze verdrietig aan de telefoon, op dat moment schoten we samen vol. Ik zeg: “Zullen we dit samen netjes afsluiten?” “Dat is goed Jans, dat doen we…” Edith werd die dinsdag begraven in Delft. De man van Edith, vond het heel fijn dat we erbij waren. Wat een bijzondere dienst was het. En wat was het druk, echt niet te geloven zoveel mensen. Allemaal mooie blauwe bloemen op de kist. Het lag echt helemaal vol, zo mooi en waardevol. We mochten dan naar binnen, iedereen liep achter elkaar aan en nam plaats. We wachten geduldig af. Mijn vriendin en ik namen plaats en keken een beetje om ons heen. Iedereen zat rustig af te wachten tot het zeg maar begon. Ik kijk nog eens even naar de kist, en zie dat wij niet alleen aan het wachten waren. “Maar ook Edith zat te wachten, ja, echt waar, ze zat op haar kist ze keek dus naar haar eigen uitvaart.” Ook keek naar de mensen die er zaten om afscheid te nemen. Je mag het geloven of niet, maar we keken elkaar zelfs nog aan. Dit vond ik heel ingrijpend, en toch ook wel een klein beetje eng. Ik stond er blijkbaar toen nog niet helemaal voor open in die tijd. Ik heb hier best een hele tijd mee rond gelopen. Ik kon het gewoon niet los laten. De plechtigheid of de uitvaart hoe je het ook wilt noemen was prachtig mooie muziek en alles erom klopte. Het leven gaat verder, hoe lullig dit ook klinkt.” Maar het bleef maar in mijn hoofd spoken, dus heb ik besloten om een Reading te doen.

Reading.
Het was eindelijk tijd voor de Reading. Ik had de foto van Edith neergelegd.
Let op: “Deze mevrouw die de Reading gaf wist verder niks over haar.”
Ze maakte contact met Edith. Al heel snel was ze erbij, dit voelde heel goed.

Edith zegt…

“Jans,  zit je met vragen?” 

Ik zeg:  “Ja zeker…”

Wat een opluchting toen ik die vraag eindelijk mocht stellen:

Ik zeg: “Edith, zat je op je kist naar je uitvaart te kijken?”

“Ja, klopt Jans” 

Zo vertelde Edith, dat had ik dan toch goed gezien, op dat moment, van haar uitvaart


Edith zegt tegen mij… 

Dat er nog iemand was, die het ook door had.
En wat was ik blij dat jij en Rehanna erbij waren..
Dit heb je zeer netjes gedaan Jans.

Zo vertelde ze Edith…

Ook vertelde Edith mij…

Dat ik eens aan mijn zelf moest gaan denken, en dat die rugzak die ik op had, dat ik die moest gaan legen.
Want je rugzak Jans zit vol. Want zo kan het ECHT niet langer, je bent veel te goed voor vele mensen
En dit moet afgelopen zijn.”


Wat ze vertelde klopte ook zeker, ik ben echt te goed geweest.
Later in het verhaal snap je ook waarom.

Edith vertelde ook nog…
 
Dat ze weer lekker bezig was, ze stond weer voor een klas, en ze zat met veel kinderen om haar heen.
Ik kreeg een dikke knuffel.

En de Reading was voorbij...

Prachtige Reading.
Dit was een prachtig moment om haar weer een soort van weer even gesproken te hebben. Ik heb er nu ook echt rust bij gekregen. Ik mis haar nog steeds maar ik weet ook… Ooit komen we elkaar weer tegen en dan ga ik zeker lekker voor haar koken...

Tijgertje de poes van 1991.
Mijn moeder en ik gingen vaak samen fietsen. We genoten dan van de natuur en de omgeving. We reden altijd richting de polder. Onderweg zagen we van alles van lieve kleine eendjes, lammetjes. Maar ook zagen we een moeder poes met 4 kittens. Twee rode kittens, en een witte en nog een gevlekte kat. Maar die twee rode kittens vonden wij het leukst. Het klinkt allemaal gek maar de ontmoeting met deze twee rode kittens deed ons gewoon wat. Blijkbaar was dit ook andersom? Oh, wat zijn ze klein en lief. Je kent het wel, je zet je fiets aan de kant en voor dat je het weet is er al weer een half uur voorbij. Zullen we maar weer gaan Jans?” Ik zeg: “Nog heel even.” Later gingen we dan wel weer verder. En dan was het: “Tot de volgende keer schatjes!” De volgende dag gingen we weer fietsen. Zullen we toch weer even naar de kittens gaan Mam! Leuk Jans dat doen we. En daar waren we weer, het was nu net of die kittens ons al herkenden. Ze groeide veel te hard. Een week of zes verder. We waren zo vaak langs geweest met de fiets, dat we een band kregen met die kittens. Moeder poes, was er vandoor gegaan. Mijn ouders gaan de volgende middag een stukje fietsen. Want mijn vader was ook zo nieuwsgierig naar die katjes. Mijn moeder wilde de kittens laten zien. Oh zegt mijn moeder: “Het is er nog maar een.” Mijn vader zegt: “Wat een schatje.” Deze lieve poes was gewoon wachtende tot mijn Moeder haar kwam ophalen. Mijn moeder aaide de poes ze was niet meer van mijn moeder af te slaan. Ze wilde blijkbaar mee. Dus besloot mijn moeder haar mee te nemen. Mijn Pap en Mam en de poes kwamen dan weer thuis van hun fietstocht. De poes was de gehele rit naar huis super lief, Ze heeft van ons een naam gekregen, vanaf nu is het Tijgertje. Ze stond gewoon klaar om opgehaald te worden. Tijgertje was een lief poesje. Omdat ze zo lief was, ben ik wat gaan Knutselen. Ik ging naar de winkel om bananendozen te halen. Die bananendozen heb ik opgestapeld tot een wel verdiend eigen appartement met heel veel verdiepingen. Wat was ze er toch ontzettend blij mee. Tijgertje had haar eten en drinken ook in haar flat staan. Ze sliep zelfs in haar mooie flatje. Ze was er echt niet uit te slaan. Tot de dag dat mijn moeder zei: Het is nu wel mooi geweest met die flat Jans.” Hij mocht tot zondag blijven staan en daarna moest die weg. Dit was pas na drie maanden ongeveer. Ik begrijp dat mijn moeder er klaar mee was. Maar ik weet zeker dat ze die flat in begin gemist heeft. Kan bijna niet anders ze zat er echt elke dag in. Tijgertje kreeg last van zijn maagje en werd ziekjes. Naar de dierenarts en we kregen dieet voorgeschreven voor onze Tijgertje. Dit ging eerst even goed gelukkig maar want dat spugen was ook zo zielig. Maar al snel begon ze weer te spugen en ze begon er zelfs bij te janken arme lieve Tijgertje toch. Haar maagje en buikje deden ook zo zeer, echt heel zielig vonden we dat. Ze viel ook alleen nog maar af. Op het einde spuugde Tijgertje alleen nog maar, dit was echt heel zielig. Dus hebben we haar op 6 januari 1998 laten inslapen. Ze had zoveel pijntjes en dat wilde we haar niet meer aandoen. Tijgertje is slechts zeven jaartjes geworden. Op de dag van het spuitje waren wij aan het werk. Pa en Ma vertelde ons wel, dat ze een afspraak hadden met de dierendokter. En indien het echt niet anders kon dan zullen ze haar een spuitje geven. Wij kwamen thuis van een dagje hard werken. Mijn moeder was erg verdrietig, ik dacht van, wat is het stil en waar zijn de voerpakjes. Snik, mijn moeder vertelde dat ze Tijgertje hebben laten inslapen. Het was een uur of half vijf in de middag. Ik heb toen gelijk die dierenarts gebeld en uitgelegd dat ik nog geen afscheid had genomen van Tijgertje. Dat had ik wel gedaan hoor, maar ik had op een betere afloop gehoopt of eigenlijk had ik daar gewoon op gerekend. Maar dit was dus niet het geval, dus dacht ik van dit moet ik zo nog even doen. De dokter zei: “Kom maar langs, geen probleem.” Ben op mijn brommer gestapt en ben naar de dierenarts gegaan. En daar was ik dan alleen bij de dierendokter, dit was best wel even verdrietig en toch ook wel een beetje eng maar goed. Hij vroeg nog: “Ben je er klaar voor?” “Ja hoor, ik ben er klaar voor.” De deur ging open, en ik zag haar al liggen. Tijgertje lag rustig in een doosje te slapen, “zullen we dan maar zeggen.” Ik heb haar ook gewoon nog even geaaid en geknuffeld. Ze was al wat afgekoeld dit merkte je wel. Maar dat boeide mij geen reet. |Ik zei tegen tijgertje: “Arme lieve poes, en zo jong, en nu al dood, lieverd toch, rust zacht lieve schat.” Ik heb afscheid genomen, en ben verdrietig vertrokken naar huis. Het was erg fijn van die dierenarts dat ik nog even de tijd kreeg om bij Tijgertje te zijn. Tijgertje was een speciale lieve poes.

Middelbare school.
Middelbare school was een geweldige tijd. Ik had een hele leuke klas met zeventien kinderen. En natuurlijk zaten er in mijn klas een hoop boefjes die de juf of meester dan uitdaagden. Ik deed daar dan ook vrolijk aan mee. Prachtige tijd, met veel lol en pret, zoveel pret dat ik gewoon pijn in mijn kaken had van het lachen. Haha…, En we dachten zeker niet over de toekomst na. Welnee, gewoon lang leven de lol. Ik heb wel eens een stoel in de lucht zien vliegen. Ik weet nog goed, dat we een invaller kregen. Dit omdat onze eigen meester overspannen thuis zat. Nou dat wordt nog wat, met die nieuwe. Al snel deden we onze eigen ding de gehele dag. Luisteren stond toen niet echt in onze woordenboek. En je weet hoe het gaat. Begint er 1 dan volgt de rest vanzelf. Want zo ging dat gewoon. Meester Peter vroeg aan Patrick: “Ga jij eens naar je tafel terug?” Patrick zei: “Waarom, ik sta prima hier…?” En dan wij…  (De klasgenoten dus.) Stookte de boel nog een beetje op en dan was het: Niet luisteren hoor, naar de meester,” Geweldig wat een lol, en wat een plezier. We genoten allemaal. Hij ging niet terug naar zijn plaats, dus de meester werd nog wat bozer en duwde Patrick als het waren rustig naar zijn plaats. Patrick zegt: “Blijf je wel van me af vriend!” Waarop de meester zei van: “Ja dan moet je nu gewoon gaan luisteren.” Maar daar had deze knul geen zin in op dat moment, en wij vonden het allemaal nog véél te leuk, een beetje actie in de klas. Die arme meester, die had echtgeen leven. Ik moet hier zelf een beetje denken aan die film met Michelle Pfeiffer. ( Dangerous Minds.)Geweldige film. Ook zo’n klas die de juf dan niet weet stil te krijgen.) Die meester werd er niet vrolijker van, maar de klas wel, en dat was nou net het leuke daarvan. Want de gehele klas heeft natuurlijk de grootste lol. Dus hij begon weer te duwen, Patrick zegt: “Rot op, en blijf van mij af.” Hij draaide compleet door, Patrick pakt een stoel en gooit de stoel richting die meester.  De stoel viel op de grond en ja hoor, hij was nog kapot ook die stoel. Patrick moest de klas verlaten, en hij moest zich melden bij de hoofdmeester. Onze meester liep gelijk even met hem mee. Wij moesten dan maar even wat gaan lezen, dit was de opdracht die we van hem kregen. Zo, de klas was dan even verlost van deze irritante meester. Patrick vertelde de hoofdmeester. Dat hij gewoon niet aangeraakt wilde worden. En ook de meester deed zijn verhaal, Patrick kreeg nog een kans. Wij waren ondertussen nog lekker lol aan het trappen en er was dus zeker niks van lezen gekomen. Ik zeg: “Jongens snel zitten, daar komt de meester weer aan.” Ze stonden dan ineens weer in de klas, de klas was behoorlijk onrustig. En toen was het: “Jongens even zitten allemaal.” “Ik wil even iets met jullie bespreken.” De meester vertelde ons: “Dat hij het school jaar niet af zal gaan maken. En dat het niet aan ons lag. ( “Nee, nee” Dat zal ik ook gezegd hebben.” ) Vrijdag was hij dan voor het laatst, hij liep echt op zijn tenen die dag om het ons zo mooi mogelijk te maken. Die maandag kregen we dan wéér een nieuwe juf. Nou met die Juf kon ik nou ook niet echt door een deur. Zó jammer! Van die geweldige juf, moest ik nog wel eens nablijven, dit omdat ik samen met Miranda nog wel eens even aan het rennen was, op de gang. En dan was het: “Jans en Miranda jullie blijven straks even na.” Ik zet jullie naam gelijk even op het bord. Doe dat maar zeiden we dan. Ondertussen ging de bel het was kwart over drie. Miranda en ik… bleven braaf zitten, tot de juf even uit de klas liep. Dit was onze kans, dus HUP…, Snel Miranda, we klimmen het raam uit. Ik zeg tot morgen…!” De volgende dag was de juf dit akkerfietje blijkbaar weer vergeten, want we hoorde daar verder niks meer over. Later in groep drie, was het tijd om stage te gaan lopen. Mijn eerste stage plek was de Bieslandhof te Delft. Dat was opzich wel leuk in de kantine. Mijn tweede stage plek was de:  D.A Drogisterij te Delft. Daar kon ik alleen maar stofzuigen de hele dag en dit vertelde ik toen tegen mijn ouders en die hebben mij daar toen weg gehaald. Stofzuigen kan je thuis ook. Stagelopen vond ik niet leuk, zeker niet, omdat je er niks voor kreeg. Ik vond het zonde van de tijd. Ik wilde van school, was er wel klaar mee. Ik vertelde dit tegen mijn ouders. Mijn ouders hebben dit toen met elkaar besproken en die kwamen met het volgende:  “Jans, wij vinden het goed als je van school gaat, maar dan moet je wel een baan hebben.” Dit hadden ze nu niet tegen een dove, kan ik je vertellen. Ik ging gelijk druk op zoek, ik pakte mijn brommer en reed het hele Haantje in Rijswijk af. Ik begon bij 1 en bij 22 was het Bingo! “Ik ben Jans, en ik ben op zoek naar vast werk. Dat komt mooi uit vertelde deze Jan.Wij zoeken nog mensen voor vast.” “Yes!” Ik dacht nog. Dat gaat snel. Ik vertelde Jan, dat ik maandag al wilde beginnen, en dat was goed. Hij was niet zo moeilijk. Een betere baas heb ik niet kunnen hebben in die tijd. Dit was dus mijn eerste baantje van 1996 tot 2002. Ik werkte dus in de Alstroemeria’s in een prachtige bloemenkas. Ik werkte veertig uur per week, als het niet meer was. Maar oh wat was ik blij met mijn eerste echte wel verdiende salaris. Het was precies de 22ste binnen. Denk er nog zeker wel eens aan terug aan deze prachtige tijd. Zeker als ik nog wel eens een nummer hoor van:  R. Kelly - I Believe I Can Fly. Echt even heerlijk terug in de tijd. En als ik dan mijn ogen erbij dicht zal doen… Nou dan zit ik zo weer in het jaar “1996.”

Er komt zeker later meer.

Om terug te gaan naar boven druk op UP!



HARTELIJK WELKOM OP JANS LENTING!

1980 TOT 1998